kranten artikel in het AD


Hier de leden van DAF tijdens een repetitie. Noodgedwongen binnen, omdat het regende. 

De accordeon een instrument uit het verleden, waar niemand meer op speelt? De accordeon is juist helemaal terug. 

Er nemen weer mensen accordeonlessen en vele ouderen hebben hun instrument onder het stof vandaan gehaald. 
In de Rijnstreek bestaat sinds kort zelfs Nederlands eerste - en enige - Accordeon Fanfare, opgericht door muziekdocent Wim Loos uit Roelofarendsveen. De leden van het 'looporkest' komen uit de hele regio: Leimuiden, Rijnsaterwoude, Alkemade, Nieuwveen. Eén muzikant komt zelfs uit Haarlem.

,De accordeon is een veelzijdig instrument dat in veel muziekstijlen wordt gebruikt,'' zegt Loos (43). En dankzij de toegenomen aandacht voor wereldmuziek luisteren weer meer muziekliefhebbers naar de accordeon. ,,In Nederland doet een band als Rowwen Hèze veel voor de nieuwe populariteit van de accordeon.'' Volgens hem maakt niet alleen het geluid het trekinstrument populair. ,,Het is transportabel, je kunt overal muziek maken.''

Zelf studeerde Loos orgel en piano aan het Conservatorium in Utrecht. ,,Jarenlang zijn er nauwelijks accordeonleraren opgeleid. Toen ik aan het Conservatorium studeerde, werd accordeon zelfs als hoofdvak afgeschaft,'' zegt Wim Loos, die zichzelf accordeon leerde spelen.In de jaren zeventig werd het keyboard populair en werd de accordeon als ouderwets afgeschreven. Helemaal verdwenen is het instrument nooit. ,,In het oosten en het zuiden zijn nog 'accordeon-slagen', bijeenkomsten waar allerlei accordeonorkesten spelen. Ik ben daar eens geweest met een paar leerlingen en daar zagen we een accordeon-fanfare uit België optreden.'' 

In het begin van de vorige eeuw was er in Brussel een populair looporkest van accordeonspelers, dat enkele jaren geleden opnieuw werd opgericht onder de naam Nouvelle Harmonie Bruxellois d'Accordeon. Het inspireerde Loos. In 2007 raakte hij betrokken bij de openingsmis van de nieuwe parochie in Roelofarendsveen. ,,Dat viel toevallig samen met de kermisweek. Na de mis zouden de aanwezigen van de kerk naar de Noordhoek lopen om koffie te drinken.'' Toen schoot Wim Loos de Belgische accordeonfanfare te binnen. ,,Het leek me leuk ook zoiets te doen, ik heb alle accordeonisten die ik kende gemaild. Er kwamen veel reacties.'' Wim Loos moest speciale arrangementen schrijven. ,,Je moet de muziek lopend en uit het hoofd spelen, dus het mag niet te moeilijk zijn. Aan de andere kant moet het wel wat niveau hebben.'' 

Een accordeonfanfare is niet te vergelijken met een blaasorkest. ,,Er wordt gewandeld, niet gemarcheerd én er wordt bij gezongen. We spelen zeker niet alleen marsen, maar ook snelle nummers als 'Opzij, opzij' en walsjes.''

Op het eerste optreden werd heel enthousiast gereageerd, en er volgde een tweede en een derde. ,,Toen waren er al gesprekken gaande om de fanfare een vaste structuur te geven.'' Het resultaat: DAF. Geen automerk, maar De AccordeonFanfare. Het orkest telt zo'n veertig leden. ,,Jong en oud, allemaal mensen die het leuk vinden om muziek te maken.'' Al te fanatiek gaat het niet. ,,We repeteren één keer in de maand. De belasting mag niet te groot worden, het moet leuk blijven.'' Wim Loos loopt persoonlijk voorop, meestal achterstevoren, en geeft de maat aan. Twee slagwerkers begeleiden de muzikanten. Er moeten nog wat meer liedjes op het repertoire komen, maar ook nu al is de Accordeon Fanfare te boeken. Voor feesten en optochten. 

,,Het is natuurlijk niet zo dat we er een geintje van maken. Het plezier staat voorop, maar we maken wel serieus muziek. Ik ben en blijf musicus en maak er geen rommeltje van. Maar we zijn ook weer niet zo serieus als echte accordeon-orkesten. Die spelen veel moeilijke arrangementen, en dat kun nu eenmaal niet als je loopt.'' 

Er is wel een voorwaarde: het moet droog zijn. Accordeons kunnen nu eenmaal niet tegen vocht.